3 tips om school en ouders te laten samenwerken

Ouderbetrokkenheid is een van de belangrijkste pijlers van goed onderwijs. Maar hoe geef je al school vorm aan de ouderbetrokkenheid? Drie tips om de ouderbetrokkenheid binnen de school aandacht te geven.

Uit verschillende onderzoeken is gebleken dat kinderen hun talenten meer ontplooien, zich meer welbevinden en betere resultaten halen op school als hun ouders en leraren meer samenwerken. Ook voor het vorm geven aan de identiteit van de school is heldere communicatie met en betrokkenheid van ouders essentieel.

Ouderbetrokkenheid meer dan ouderparticipatie
Ouderbetrokkenheid is meer dan ouderparticipatie. In onze visie moeten ouders als eerstverantwoordelijken en eindverantwoordelijken worden gezien voor opvoeding en onderwijs. Zij hebben de opdracht om hun kinderen op te voeden.
Opvoeding vindt niet alleen plaats binnen het gezin, maar juist ook in de bredere gemeenschap van school, kerk en samenleving. Bij ouderbetrokkenheid gaat het niet alleen om het cognitieve leren maar ook om de opvoeding in de meest brede zin van het woord.

Een school die zich christelijk noemt en daarmee aangeeft zich ook op opvoeding en vorming te richten, moet zich bewust zijn dat daarmee de samenwerking met ouders (ouderbetrokkenheid) belangrijker wordt.

Hieronder drie tips om ouderbetrokkenheid binnen de school aandacht te geven:

1. Werk altijd vanuit een heldere visie op ouderbetrokkenheid
Het is belangrijk dat school en ouders, het liefst gezamenlijk, nadenken over een visie op ouderbetrokkenheid. Het gaat dan niet alleen om een paar mooie zinnen op papier zetten, maar vooral samen nadenken over hoe die visie in de praktijk vormgegeven wordt. Het uitspreken van verwachtingen is hierbij erg belangrijk. Daarnaast is het goed om samen na te denken over de 6 aspecten van ouderbetrokkenheid.

2. Communicatie is maar één aspect van ouderbetrokkenheid
Veel scholen denken direct aan communicatie als het over ouderbetrokkenheid gaat. Natuurlijk is communicatie een belangrijk aspect. Maar alleen het geven van een training of een gesprek met de ouders is niet voldoende. Dat zorgt namelijk niet voor duurzame verbetering van het samenwerken tussen school en ouders.

Het kan heel zinvol zijn om als schoolleider eens met een paar ouders de nieuwsvoorziening van de school onder de loep te nemen. Is de informatie relevant voor de ouders? Helpt het hen om hun kind thuis te ondersteunen en écht betrokken te zijn? Het belangrijkste aspect is echter de betrokkenheid van ouders bij het leren.

3. Betrek ouders vooral bij vorming en leren
Samenwerking rond leren werkt! Vertel de ouders hoe de juf of meester de sommen uitlegt en waarom op deze manier. Zet in de nieuwsbrief eens wat links naar filmpjes op internet waarin de spellingsregels naar voren komen. Dat heeft effect! Het is prima dat ouders in de school zijn die bij het overblijven de kinderen onder hun hoede nemen. Het kan nodig zijn dat ouders participeren in een bestuur of commissies. Uit onderzoek blijkt echter dat dit weinig tot geen effect heeft op het leren en de ontwikkeling van kinderen. Wat wel een positief effect heeft, is als ouders betrokken zijn op het leren van hun kind. Daarom is de samenwerking rond het leren en de opvoeding het belangrijkste aspect van ouderbetrokkenheid.
Duurzaam werken aan het verbeteren van ouderbetrokkenheid

WerkMetTalent-partner Driestar onderwijsadvies heeft een programma ontwikkelt om duurzaam met scholen te werken aan het verbeteren van ouderbetrokkenheid. Op deze manier versterk je echt de wederzijdse betrokkenheid tussen ouders en school.

Nodig hen gerust eens uit. Een kosteloos vrijblijvend gesprek kan jou motiveren om de volgende stap te zetten om de wederzijdse betrokkenheid te vergroten.

Mail Driestar Onderwijsadvies voor een vrijblijvend gesprek over ouderbetrokkenheid op jouw school.

Bron: Driestar Edcuatief

Eleos behoudt Keurmerk Basis GGZ

WerkMetTalent-partner Eleos behoudt het Keurmerk Basis GGZ. Daarmee feliciteren we onze partner van harte!

Bij Eleos zelf zijn ze blij met het nieuws: “We zijn er trots op dat we ook in 2018 keurmerkdrager zijn. Met dit keurmerk waarborgt Eleos de kwaliteit van haar basis-ggz. De normen van dit keurmerk liggen boven de wettelijke vereisten. Hiermee worden ggz-instellingen uitgedaagd om de lat hoog te leggen. We zijn trots op onze medewerkers die zich elke dag inspannen om de juiste zorg te bieden aan onze cliënten!”

Kan mijn werkgever werken op zondag verplichten?

Hoewel de zondagsrust steeds meer onder druk staat, zijn mensen tot op heden niet verplicht om op zondag te werken. Dat recht heeft de RMU tot nu toe succesvol verdedigt. Veel mensen zijn hier niet van op de hoogte en werken min of meer gedwongen op zondag. Je werkgever kan wel dreigen met ontslag, maar dat is wettelijk niet toegestaan.

Het is belangrijk om je bewust te worden dat zondagsrust steeds minder vanzelfsprekend is. Het is in snel tempo aan het veranderen. Na de vorige gemeenteraadsverkiezingen zien we duidelijk hoe de zondagsrust versneld achteruit is gegaan. In veel gemeenten zijn inmiddels de regels verruimd. Op woensdag 21 maart gaan we weer naar de stembus in onze gemeente. Wat gaan de partijen deze keer veranderen?

Het begint bij winkels
Als winkels hun deuren openen op zondag, komt er een hele keten achteraan. Neem bijvoorbeeld een bakkerij. Als deze open gaat op zondag, moet de eierleverancier en de melkfabriek er achteraan. Chauffeurs moeten rijden en als die logistieke vragen hebben of ze staan met pech langs de weg, moeten er ook mensen beschikbaar zijn. Kortom, het trekt hele beroepsgroepen mee.

Maak je sterk tegen zondagswerk, word nu lid van de RMU

  1. De RMU zit er bovenop in Den Haag. Daar verdedigen we de regelgeving dat mensen op zondag vrij mogen zijn.
  2. Naast die lobby zitten we aan de onderhandelingstafel bij cao’s waar we afspraken maken die de aparte status van de zondag benadrukken.
  3. Voor onze leden die in de knel komen bieden we stevige juridische ondersteuning.

Werk in de winter

Je breekt je been tijdens het skiën of je hebt een diepe snee na een schaatsongelukje. Helaas, je kunt niet werken. Kun je jezelf dan ziekmelden of heb je dubbele pech? De RMU beantwoordt een aantal prangende, veelgestelde vragen over werken in de winter.

Je kunt je ziekmelden. Een werkgever is wettelijk verplicht om een werknemer bij arbeidsongeschiktheid maximaal 2 jaar lang ten minste 70 procent van het loon door te betalen. Volgens artikel 7:629 van het Burgerlijk Wetboek hoeft de werkgever géén loon door te betalen als de ziekte van de werknemer door zijn opzet veroorzaakt is. Deze opzet van de werknemer moet écht gericht zijn op het ziek worden. Daarom geldt dat opzettelijk risicovol gedrag, zoals bij sommige sporten het geval is, niet tot verlies van aanspraken leidt. Als werknemer heb je dus bijna altijd recht op doorbetaling van je loon, ook als arbeidsongeschiktheid het gevolg is van roekeloos gedrag. Je been breken tijdens het skiën levert dus niet nóg meer pech op!

Maakt het nog uit wat voor werk je doet of waar je werkt?
Dat maakt niet uit. De hoofdregels uit het Burgerlijk Wetboek gelden altijd. Wel mag de werkgever je andere werkzaamheden opdragen. Met een gebroken been kan je dan geen werk doen waarbij je voortdurend moet lopen, maar je kunt mogelijk wel achter een bureau aan de slag. Het is trouwens aan te bevelen dat je de bedrijfsarts om advies vraagt over welke werkzaamheden je wel zou kunnen uitvoeren.

Hebben werknemers ook recht op ijsvrij?
Nee, helaas niet! Wel gelden in sommige sectoren, zoals de metaal en de bouw, dat er regels gelden voor het doorwerken in de buitenlucht bij bepaalde temperaturen of overlast door vorst of sneeuw. Zo’n regeling is opgenomen in de cao die dan van toepassing is.

Is een werkgever verplicht om warme dranken en thermokleding te verstrekken als het zo koud is en je buiten werkt?
Dat is afhankelijk van de cao waaronder je valt. Zo is er in de cao voor de bouw geregeld dat als de werkgever besluit door te werken op vorstdagen, doelmatige winterkleding aan de werknemer dient te verstrekken, zoals thermo ondergoed en helmmutsen. Is er geen specifieke regeling opgenomen in de cao, dan moet een werkgever toch ‘goed werkgeverschap’ tonen. Een werkgever kan niet van een werknemer verwachten dat deze alle weersomstandigenheden trotseert zonder dat de werkgever beschermende kleding aanbiedt.

Vergoedt de werkgever mijn winterbanden en sneeuwkettingen?
Een werkgever is niet verantwoordelijk is voor de kosten van de winterbanden, maar heeft wel de taak om letselschade van de werknemer zo veel mogelijk te voorkomen en de werkgever dient het loon bij arbeidsongeschiktheid door te betalen. Maakt u gebruik van een auto van de zaak/leaseauto, dan is het dus zeker aan te raden afspraken te maken over winterbanden en in uiterste gevallen sneeuwkettingen. De werkgever heeft er immers zelf ook belang bij dat werknemers zo veilig mogelijk de weg op gaan.

Bron: RMU

Wet DBA opnieuw in de ijskast

Het kabinet heeft de handhaving van de omstreden Wet DBA voor zzp’ers en hun opdrachtgevers opnieuw uitgesteld, namelijk tot 1 januari 2020. Joakim Rottiné is adviseur Ondernemers bij RMU​ en beantwoordt namens de christelijke vakorganisatie een vijftal vragen.

Waarom staat de Wet DBA opnieuw in de ijskast?
Het besluit om handhaving van de Wet DBA weer op te schorten, geeft andermaal aan dat het kabinet het een lastig dossier vindt waar ze maar niet uit lijken te komen. Het doel van de wet was het verstrekken van duidelijkheid over de vraag of er tussen opdrachtgever en opdrachtnemer wel of geen sprake is van een dienstbetrekking. Deze duidelijkheid is er niet gekomen en heeft zelfs voor (meer) onrust gezorgd. Hoewel het tegengaan van schijnzelfstandigheid hoge prioriteit heeft bij het kabinet, wordt nu dus opnieuw de handhaving uitgesteld en nu zelfs voor langere tijd.

Wat betekent dit voor mij als zzp’er?
Het opschorten van de handhaving betekent simpelweg dat de Belastingdienst geen naheffingen of boetes oplegt als later toch blijkt dat er tussen opdrachtgever en opdrachtnemer een dienstbetrekking is geweest. Tot die tijd wordt het plan voor een nieuwe wet verder bijgeschaafd.

Is er dan niets veranderd?
Jawel. In tegenstelling tot de vorige keren dat de handhaving werd opgeschort, wordt nu wel strenger toegezien op kwaadwillende ondernemers. Hiervan is sprake als ondernemers ‘willens en wetens’ schijnzelfstandigheid laten ontstaan of voortbestaan. Ondernemers die niet tot die categorie behoren, hebben volgens het kabinet niets te vrezen. Dat neemt niet weg dat de RMU zowel opdrachtgevers als opdrachtnemers adviseert om de komende periode kritisch te kijken of er al dan niet sprake is van een dienstbetrekking is met degenen met wie zij samenwerken. Als ondernemers twijfels hebben, kunnen zij contact opnemen met de Belastingdienst die hen volgens de verantwoordelijke minister coachend zullen bijstaan.

Wat beoogt het nieuwe kabinetsplan?
Het plan is om partijen via een zogenaamde Opdrachtgeversverklaring duidelijkheid te geven over de vraag of er wel of niet sprake is van een dienstbetrekking. De Opdrachtgeversverklaring kan door de opdrachtgever worden ingevuld via een website.

Wat vindt de RMU van de Opdrachtgeversverklaring?
De RMU vraagt zich hardop af of dit nieuwe systeem het probleem van schijnzelfstandigheid echt zal kunnen aanpakken. Het is immers lastig, zo niet onmogelijk om harde criteria te bedenken die het verschil tussen ondernemers en werknemers duidelijk maken. Net als bij de VAR en de Wet DBA blijft ongewijzigd dat als de werkelijke situatie afwijkt van de antwoorden die de opdrachtgevers bij de aanvraag van de Opdrachtgeversverklaring hebben gegeven er alsnog een naheffing kan volgen. De onzekerheid blijft er dus voor de opdrachtgever en dat kan betekenen dat zzp’ers (ten onrechte) niet meer worden ingehuurd. De RMU hoopt dat de tijd tot 1 januari 2020 nuttig en efficiënt wordt gebruikt om de nieuwe wet beter te maken dan haar voorgangers.

​Bron: RMU

​Aanhoudend gebrek aan technisch personeel

In minder dan twee jaar tijd is het aantal vacatures in de technologiesector met liefst 16 procent gestegen. Het UWV meldt dat de vraag naar personeel enorm is en dat dat de komende jaren niet zal gaan veranderen.

Metselaars, schilders en installateurs, machinemonteurs en lassers. Het zijn beroepen waar nog altijd een sterke roep naar is vanuit de bouw- en industriesector. Van de werklozen met een dergelijk technisch beroep is 75 procent binnen een jaar weer aan de slag. Voor de totale beroepsbevolking ligt dat percentage op 65 procent.

Het aantal WW-uitkeringen voor technisch opgeleiden is dan ook gekelderd in de afgelopen vier jaar. Waar het UWV in 2013 nog 125.000 nieuwe uitkeringen verstrekte, waren dit er in 2017 nog slechts 58.000 in deze beroepsgroep.

​Bron: Nu.nl

‘Gedwongen zondagsopening gaat op de schop’

Het kabinet wil dat winkeliers niet meer verplicht worden op zondag open te zijn. Het eenzijdig afdwingen van openstelling door winkeliersverenigingen en andere partijen wordt daarmee een halt toegeroepen. Dat heeft staatssecretaris Keijzer (Economische Zaken en Klimaat) aangekondigd te willen regelen in een wetsvoorstel.

Recent moest een Groningse fietsenmaker een boete van 22.000 euro betalen aan de Vereniging van Eigenaren (VvE), omdat hij niet elke zondag en koopavond de winkel wilde openen.

Deze wet is niet bedoeld om gemaakte afspraken te verbreken: wanneer ondernemers in een contract met de verhuurder zijn overeengekomen dat een winkel op koopavond open is, dan moeten zij zich hier wel aan houden.

RMU
De RMU is verheugd met deze aankondiging van het kabinet. Het verstevigt de positie van de zondag als rustdag in wet- en regelgeving en geeft de vrijheid aan winkeliers en werknemers om niet op zondag te moeten werken.

Bekijk hier ook het dossier zondagsarbeid van de RMU.

​Bron: RMU

Beoordelingsgesprek in 4 stappen

De dagen worden korter, de sneeuw ligt op de ontbladerde bomen en de temperatuur doet winters aan. Een mooie tijd om met je medewerkers terug te blikken op hun prestaties in het afgelopen jaar. Maar welke gesprek(s)vorm – en inhoud heeft de meeste toegevoegde waarde? Want eerlijk is eerlijk, een flink percentage leidinggevenden heeft er behoorlijk moeite mee om te praten over het eigen of andermans presteren.

34 procent van de medewerkers ervaart het gesprek als stressvol en driekwart van de managers vindt beoordelingsgesprekken nuttig voor zowel de medewerker in kwestie als voor het bedrijf.

Voor het beoordelen van het functioneren van medewerkers bestaan twee gespreksvormen: het beoordelingsgesprek en het functioneringsgesprek. Deze gesprekken lijken erg op elkaar en worden dan ook regelmatig verward. Bij veel organisaties is een mengvorm van beide gesprekstypen ontstaan. Dat werkt verwarrend.

Wat is het verschil tussen een functionerings- en beoordelingsgesprek?
Het functioneringsgesprek is in zijn zuivere vorm is een tweerichtingsgesprek, heeft geen juridische gevolgen en is toekomstgericht. Behalve het functioneren van de medewerker worden ook het functioneren van de manager, de onderlinge samenwerking en de organisatie onder de loep genomen. Het beoordelende karakter en de bijhorende waardering staan veel minder centraal. Veel meer wordt gekeken naar hoe gaan we verder. Een dergelijk gesprek vindt halverwege het jaar plaats.

Het beoordelingsgesprek (eindejaarsgesprek) is een terugblik waarbij salarisconsequenties voor de toekomst mogelijk zijn. Bij een beoordelingsgesprek staan het functioneren en de uitvoering van het takenpakket centraal. Als manager spreekt je hier letterlijk ‘een oordeel’ uit over de medewerker en niet andersom.

Wees duidelijk
Op voorhand hebben veel medewerkers soms toch al het gevoel dat ze beoordeeld en afgerekend zullen worden tijdens een functioneringsgesprek. Dergelijke angst kan ten koste gaan van de inbreng en openheid van de medewerker in het gesprek. Het woord beoordeling roept vaak nog grotere angsten en weerstand op. Zelfs medewerkers die normaliter goed functioneren, kunnen irreële gedachten hebben. Belangrijk is dus het onderscheid zuiver te houden, en dit vooraf goed te benoemen.​

Lees de rest van het artikel èn de 4 stappen op RMU.nl

Door: Jan Visser is adviseur Ondernemers & loopbaancoach bij de RMU

Eleos neemt directeur Pro Life over

Eleos, specialist in christelijke ggz, heeft per 1 januari 2018 Abwin Luteijn aangetrokken als nieuwe bestuurder.

Abwin Luteijn is 15 jaar directeur van Pro Life zorgverzekeringen, de verzekeraar die christelijke zorg faciliteert. Hij laat na die periode een gezonde, groeiende organisatie achter. Abwin Luteijn over zijn keuze: “Ik heb de afgelopen 15 jaar met ontzettend veel plezier bijgedragen aan Pro Life. Ik kijk terug op een mooie periode en ben dankbaar voor alles wat is bereikt binnen Pro Life en de christelijke zorg. Ik heb in de volle breedte mogen kennismaken met christelijke zorginstellingen. Binnen dit gebied heb ik een speciale liefde gekregen voor christelijke ggz, omdat daar geloof en zorgverlening elkaar misschien wel het meeste raken. Ik vind het bijzonder dat ik in mijn nieuwe functie als bestuurder bij Eleos hier verder invulling aan mag geven en nog nauwer betrokken mag zijn bij christelijke zorg, om zo het verschil te maken in het leven van mensen.”

Elbert Dijkgraaf, voorzitter van de raad van toezicht, is ervan overtuigd dat Eleos met de heer Luteijn een ondernemende en innovatieve bestuurder heeft aangesteld. Eleos staat voor de uitdaging om de komende jaren haar kwaliteit en identiteit verder uit te bouwen in een context, waarin er veel druk op de financiering staat, lokale netwerken worden gevormd en de relatie met kerken steeds belangrijker wordt. Hij heeft er alle vertrouwen in dat Abwin Luteijn deze uitdagingen goed gaat oppakken.

Eleos, de landelijk werkende christelijke ggz-organisatie, biedt behandeling en begeleiding bij psychisch (dis)functioneren. Eleos heeft 240 plaatsen voor cliënten die intensieve woonbegeleiding nodig hebben en beschikt over opnamemogelijkheden in haar kliniek. Er werken ongeveer 700 mensen. Abwin Luteijn volgt Gijsbert Buijs op, die als interim-bestuurder Eleos leidde in een moeilijke transitiefase. Eleos is financieel weer gezond, onderneemt tal van innovatieve projecten en verzorgt veel lezingen, publicaties en leergangen over christelijke ggz.

Tekst en foto: Eleos